Droom alsof je voor eeuwig zal leven...

‘I do not know what I may appear to the world, but to myself I seem to have been only like a boy playing on the sea-shore, and diverting myself in now and then finding a smoother pebble or a prettier shell then ordinary, whilst the great ocean of truth lay all undiscovered before me.’. – Sir Isaac Newton –

 

Bovenstaande citaat is het motto van het boek ‘Nooit meer slapen’ door Willem Frederik Hermans. Wanneer je dit motto in je achterhoofd houdt tijdens het lezen, kom je al snel tot de conclusie dat dit perfect aansluit met de verhaallijn.

Het boek doet vaak denken aan een soort van reisverslag vertelt door de ogen van het hoofdpersonage Alfred (een ik-vertelstandpunt dus). Hij is geoloog en reist van Nederland naar het noorden van Noorwegen waar hij hoopt de theorie van zijn leermeester Sibbelee te bewijzen. Sibbelee beweert namelijk dat vele gaten op de aardbodem zijn ontstaan door de inslag van meteorieten. Alfred wilt niet alleen deze theorie bewijzen om het geloof in zijn leermeester te versterken maar ook om zijn eigen vader te eren. Die is namelijk gestorven toen Alfred zeven was tijdens het ondernemen van een soort gelijke reis.

Alfred gaat niet alleen op pad. Hij wordt vergezeld door de drie Noorse geologen genaamd Arne, Qvigstad en Mikkelsen. Deze laatste blijkt in het bezit te zijn van de luchtfoto’s waar Alfred sinds het begin van zijn reis naar op zoek is. Mikkelsen staat toe dat Alfred de foto’s bestudeert en wanneer hij zich realiseert dat deze geen extra informatie bieden over de gaten in de aarde, krijgt zijn vertrouwen in Sibbelee een deuk. Deze had namelijk beweerd dat de luchtfoto’s een must waren voor Alfreds onderzoek en dat hij zonder ze niet echt aan de slag kon. 

Qvigstad en Mikkelsen besluiten om samen een andere weg in te slaan. Arne trekt samen met Alfred verder maar het duurt niet lang voordat Alfred zijn reisgenoot uit het oog verliest. Dagen lang trekt hij dan maar alleen rondt, hopend dat hij Arne terug zal vinden. Dat doet hij ook, alleen niet op de manier dat hij had gehoopt. Hij vindt Arne’s lichaam en komt snel tot de conclusie dat zijn vriend is gestorven door een val van een rots, net zoals zijn vader jaren geleden.

Dit ziende als een teken, besluit Alfred om zijn grote droom op te bergen en terug naar huis te keren. Op de terugweg ziet hij een lichtflits in de verte gevolgd door een harde klap. Pas wanneer hij op het vliegtuig terug naar Nederland zit, leest hij een artikel in de krant dat vermeld dat het fenomeen waar hij getuigen van was geweest, waarschijnlijk een inslaande meteoriet was. Om de ironie helemaal compleet te maken krijgt hij van zijn moeder een paar manchetknopen gemaakt uit een doorgezaagd meteorietsteentje. Zijn vader had de kleine meteoriet gekocht als Alfreds verjaardagscadeau, maar aangezien hij nooit de kans heeft gekregen om het zijn zoon te schenken had zijn moeder het bewaard voor een andere gelegenheid. Een promotie bijvoorbeeld, waarmee hij zijn vader zou eren. Alleen zal deze nooit plaatsvinden.

 

Gedurende het verhaal komt het hoofdpersonage allerlei obstakels tegen die hem beletten om  zijn droom na te jagen. Zo steekt zijn faalangst vaak de kop op en heeft hij problemen met slapen. In het noorden van Noorwegen is er gedurende de winter dag en nacht zonlicht wat zijn slaap belemmert alsook de honderden muggen die constant rond zijn hoofd zoemen.

Ook het feit dat hij niet zo sportief is ervaart hij als een probleem aangezien het nogal een zware tocht is die veel fysieke kracht vereist. Arne, Qvigstad en Mikkelsen lijken dan wel weer sportieven types wat maakt dat Alfred dag in dag uit zich hondertwintig procent moet geven om hen bij te houden.

Na vele figuurlijke watertjes te hebben doorzwommen wordt Alfred geconfronteerd met het keerpunt: Arne’s dood die hem meteen doet terugdenken aan de dood van zijn vader. Dit maakt dat hij alles overboord gooit en terugkeert, dit terwijl zijn droom zo dichtbij is en hij hem letterlijk misloopt.

 

Als we naar de titel kijken kom ik tot twee conclusies. ‘Nooit meer slapen’ kan verwijzen naar Arne’s eeuwige slaap maar ook naar het feit dat Alfred zijn droom opgeeft. Dromen zijn altijd wel te linken aan slapen en wanneer je je dromen opgeeft, lijkt slapen geen nut meer te hebben.

Deze laatste verklaring lijkt me persoonlijk het best passen met het boek aangezien het nogal een psychologisch en zelfs filosofische opbouw heeft. De titel heeft dan ook naar mijn mening een iets diepere betekenis dan gewoon een rijtje van drie woorden. Daarom dan ook dat ik het label van centraal thema zou willen plakken op ‘het najagen van dromen’. Want daar gaat het verhaal net om. De doelstelling van je grote droom waar te maken maar dat je tegelijkertijd geconfronteerd wordt met de harde wereld en de vele obstakles die erin verscholen liggen.

 

Persoonlijk had ik best wat moeite met het lezen van het verhaal. Het komt nogal traag op gang en mist ook wat actie. Zelf vond ik het psychologische en filosofische aspect wel interessant, al maakt dit het verhaal nog wel wat moeilijker. Je moet er constant je aandacht bij houden. De inhoud laat je nadenken ook nadat je het boek hebt weggelegd en wanneer je dit doet zal je ook merken dat je gedachtengang vaak afdwaalt van de al bewandelde paden. 

Als ik al het bovenstaande op een lijstje zet, betwijfel ik dat de meeste jongeren van vandaag zullen te staan springen om dit boek te lezen. Het is dan ook een literaire uitdaging die in mijn ogen genoeg is om één keer aan te gaan. Het is echt een boek voor de geoefende lezer en zelfs die heeft er wel een kluif aan.

| Viewed
times

0 Comments

Leave a comment...